Hoe bepaal je je haartype?

Mijn haar doet het heel goed de laatste tijd, en dat komt voornamelijk omdat ik weet wat mijn haar nodig heeft. De eerste stap daarheen is om te weten wat je haartype is. Vanaf je dat weet, kan je ook bewust de dingen beginnen doen die goed zijn voor jouw haartype. Maar hoe bepaal je nu juist je haartype?

Oké, let’s do this. Je kan je haartype het best bepalen door het te wassen, even geen producten te gebruiken en je haar aan de lucht te laten drogen. Door erachter te komen welk haartype je hebt, kan je te weten komen hoe je je haar moet verzorgen. Bepaal dus eerst je haartype met de tips hieronder en lees dan dit artikel met must-know tips voor alle haartypes!

1. Textuur

Is jouw haar recht, golvend, of krullend? Als je je haar laat opdrogen aan de lucht, zonder producten, hoe ziet het er dan uit? Als je haar kaarsrecht naar beneden valt, is je haar recht. Zit er wat beweging in je haar, zit er hier en daar een kromming in? Dan heb je golvend haar. Droogt je haar op met een gedefinieerde krul, dan val je onder de categorie krullend haar.

In mijn geval: golvend haar. 

2. Structuur

De structuur van je haar gaat over hoe dik elk haar op zich is. Fijn, medium of dik? Kijk hiervoor naar één haar. Neem een haar uit je haarborstel en leg het plat op tafel. Vergelijk het haar met een stukje naaigaren. Als het veel dunner is, heb je fijn haar. Is het veel dikker, dan heb je dik haar. Ligt de dikte niet veel van het garen af? Dan heb je medium haar.

Hoe dikker je haar, hoe beter je het kan stylen. Als je je fijn haar krult, valt de krul er veel sneller uit dan wanneer je dat doet met dik haar. Daar heb je mogelijk de verklaring waarom jouw werk met de krultang zo snel verdwijnt!

In mijn geval: fijn haar. 

3. Porositeit

Hoe poreus is je haar, of hoeveel vocht slorpt je haar op? Neem opnieuw één enkel haar en leg het in een kom water. Zakt het helemaal naar de bodem van de kom, dan heb je zeer poreus haar. Zakt je haar onder het oppervlak maar zakt het niet tot aan de bodem? Dan heeft je haar een normale porositeit. Blijft je haar bovenop het wateroppervlak drijven? Dan slorpt je haar geen of nauwelijks water op, en heeft het dus een lage porositeit. De porositeit van je haar bepaalt hoe goed het haar vocht kan vasthouden.

Haar met een lage porositeit absorbeert producten minder goed. Het product blijft vaak aan de buitenkant van het haar hangen. Haar met een lage porositeit heeft meer tijd nodig om te drogen, terwijl heel poreus haar supersnel droog is maar wel pluizig kan zijn.

In mijn geval: lage porositeit. 

4. Je hoofdhuid

De hoofdhuid wordt zo vaak vergeten. Je zorgt voor de huid van je gezicht, en voor je haar, maar je hoofdhuid krijgt totaal geen aandacht. Terwijl het wel wonderen kan doen als je je verzorging aanpast op je hoofdhuid. Je hoofdhuid kan vet, normaal of droog zijn. Op de dag nadat je je haar hebt gewassen, kijk je goed naar je hoofdhuid. Zien je haarwortels er plat en vet uit? Dan heb je een vette hoofdhuid. Zie je schilfertjes? Dan heb je waarschijnlijk een droge hoofdhuid. Zie je zowel vetheid als schilfertjes? Dan kan het eigenlijk allebei zijn. Je hoofdhuid is waarschijnlijk gestrest.

In mijn geval: vette hoofdhuid. 


Welk haartype heb jij?

P.S.: Volg je me al? 

Facebook
Instagram
Twitter
YouTube
Bloglovin

Heb je deze al gelezen?

1 Comment

Laat iets van je horen!

Uw email adres wordt niet gepubliseerd. Velden met een * zijn verplicht.